Wonen en Recreatie

Recreatiewoningen

Recreatiewoningen

Er staan zo’n 256.000 recreatiewoningen en –verblijven in Nederland. Deze vakantie- en zomerhuisjes zijn er voor bedoeld om tijdelijk verhuurd te worden. Maar in de praktijk worden ongeveer 1 op de 5 van de recreatiewoningen permanent bewoond. In dit artikel wat permanente bewoning inhoud, waarom het verboden is en welk beleid er wordt gesteld.


Permanente bewoning

Een recreatiewoning mag enkel gebruikt worden voor recreatief gebruik, dit staat vermeld in de bestemmingsplannen. De bewoner dient ergens anders een hoofdwoning te hebben. Deze hoofdwoning is de plaats waar zijn dagelijkse sociale leven afspeelt. Volgens de wet houdt dit in, dat de bewoner in een half jaar het meest in de hoofdwoning zal overnachten. Het gaat dus niet om de duur van het permanent of tijdelijk gebruik, maar om de strijdigheid van de activiteit met de geldende bestemmingsplanvoorschriften.

Wat is het verschil tussen een recreatieverblijf en een recreatiewoning?

Er wordt ook een verschil gemaakt tussen recreatieverblijven en een recreatiewoning. Bij recreatieverblijven praten we over alle bedoelde gebouwen en kampeermiddelen voor recreatief gebruik. Denk hierbij aan stacaravans en toercaravans. Voor een recreatiewoning is een bouwvergunning vereist. Dit is ook altijd een gebouw. In het bestemmingsplan wordt beschreven of een kavel bedoeld is voor het plaatsen van kampeermiddelen of dat er een (recreatie)woning geplaatst mag worden.

Waarom is permanente bewoning verboden?

Het buitengebeid moet voor iedereen toegankelijk zijn om te recreëren. Vandaar dar permanent wonen in recreatiewoningen wordt verboden. Dit heeft tot gevolg dat er meer vraag naar recreatiewoningen ontstaat. Daarnaast zijn recreatiewoningen ook niet geschikt om permanent in te wonen, aangezien de bouwtechnische eisen lichter zijn dan die voor reguliere woningen.

Het beleid

Al jaren loopt er een discussie over onrechtmatige bewoning van recreatiewoningen door Nederland. Dit groeiend probleem moet bestreden worden. Er moest een beleid voor komen. Eind 2003 kwam er een voorstel van een toenmalige minister naar de Tweede Kamer. Hij stelde drie mogelijkheden voor de gemeenten om een eind te maken aan het onrechtmatige gebruik van recreatiewoningen.
  1. Gemeenten kunnen in bepaalde situaties het bestemmingsplan wijzigen. Recreëren kan zo omgezet worden naar wonen. De woning dient dat niet in een waardevol of kwetsbaar gebied te liggen.
  2. Gemeenten kunnen een persoonsgebonden beschikking afgeven. De bestemming blijft recreëren maar de huidige bewoner mag in zijn recreatiewoning blijven wonen. Na verhuizing of overlijden vervalt de beschikking.
  3. Gemeenten kunnen er voor kiezen om het verbod voor onrechtmatig bewonen van recreatiewoningen te handhaven.

Eind 2007 zijn er twee nieuwe maatregelen bijgekomen:
  1. Voor gemeenten wordt het makkelijker om een persoonsgebonden vrijstelling te verlenen. Bewoners die sinds 31 oktober 2003 al permanent wonen in hun recreatie woning, hebben er recht op.
  2. Er komt een termijn voor de gemeenten. Gemeenten die gekozen hebben voor handhaving, dienen voor een deadline hun handhavingprocedure te hebben uitgevoerd. Bewoners van recreatiewoningen moeten dan duidelijkheid hebben over hun situatie.

Het is de bedoeling om nog deze kabinetsperiode dus voor februari 2011 de recreatiewoningen problemen op te lossen. Het termijn voor de gemeenten wordt gesteld op 1 januari 2010.
© 2008 - 2009 Kimmy-tje, gepubliceerd in Wonen (Huis en Tuin) op 04-06-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Kimmy-tje is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Recreatiewoningen"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.