Huurcontract Opzeggen en Huur

Opzeggen huurcontract bepaalde tijd

Opzeggen huurcontract bepaalde tijd

Over een huurcontract van bepaalde duur voor woonruimte bestaan nogal wat vragen en met name over de wederzijdse gang van zaken bij opzegging hiervan. Bijgaand artikel probeert hier enige duidelijkheid te verschaffen voor zowel huurder als verhuurder.


De beeindiging van een huurovereenkomst van woonruimte wordt ondermeer geregeld in artikel 271 t/m 282 van Boek 7 van het Burgerlijkwetboek.

De wet kent expliciete gronden voor het aangaan van een huurovereenkomst voor bepaalde tijd. Elke andere grond maakt de overeenkomst ten aanzien van de beperkte duur nietig.

Conform artikel 271 lid 1 loopt het huurcontract voor bepaalde tijd niet enkel af door het verstrijken van de overeengekomen huurperiode. De opzegging dient steeds te geschieden bij exploot door een deurwaarder of bij aangetekende brief. Indien de echtgenoot of geregistreerde partner van de huurder medehuurder is, dan moet de opzegging aan beide echtgenoten of geregistreerde partners afzonderlijk worden gedaan.

De opzegging kan alleen indien bij het aangaan van de huurovereenkomst door de verhuurder duidelijk is aangegeven dat hij na afloop van de huurovereenkomst de woonruimte voor eigen gebruik wenst aan te wenden of dat er een andere dringende reden is die voor hem van aanzienlijk belang is. Het feit dat hij de woning nodig heeft voor de verhuur aan zujn familie is geen reden tot opzegging.

Er zijn zes wettelijke opzeggingsgronden (Art. 274 lid 1 Boek 7 BW).
  • De huurder gedraagt zich niet als een goed huurder.
  • De afgesproken tijd is verstreken. Dat is het geval als een huur voor bepaalde tijd overeen was gekomen
  • .
  • De verhuurder heeft de woning nodig voor dringend eigen gebruik.
  • De huurder weigert een redelijk aanbod tot het aangaan van een nieuwe huurovereenkomst (dat aanbod mag geen verandering van de huurprijs of servicekosten betreffen, tenzij het om woningen gaat waarvan de huurprijs geliberaliseerd is.
  • De verhuurder verwezenlijkt een bestemming volgens een geldend bestemmingsplan.
  • De verhuurder beëindigt de huur op grond van een belangen-afweging tussen huurder en verhuurder. Deze zesde opzeggingsgrond geldt alleen voor (inwonende) hospita-kamerbewoners die langer dan 9 maanden huren.

De huurder moet bij de opzegging worden gevraagd binnen zes weken aan de verhuurder mede te delen of hij al dan niet toestemt in beëindiging van de overeenkomst. Het feit dat de huurder niet reageerd binnen de genoemde termijn betekend niet dat hij of zij akkoord gaat met de beeindiging. Zij geeft de verhuurder slechts de mogelijkheid het verzoek tot beeindiging aan de Kantonrechter voor te leggen. Deze beslist dan of wel of niet tot beeindiging kan worden overgegaan.

Bij de opzegging moeten de volgende termijnen in acht worden genomen:
  • Bij opzegging door de huurder: een termijn gelijk aan de tijd die tussen twee opvolgende voor betaling van de huurprijs overeengekomen dagen verstrijkt, doch niet korter dan een maand en niet langer dan drie maanden;
  • bij opzegging door de verhuurder: een termijn niet korter dan drie maanden, voor elk jaar dat de huurder krachtens overeenkomst ononderbroken het gehuurde in gebruik heeft gehad verlengd met één maand tot ten hoogste zes maanden.
  • Indien de gedane opzegging is gedaan in strijd met de hierboven vermelde termijnen wordt zij geacht gedaan te zijn conform de geldende wettelijke regels.
  • Indien de verhuurder het gehuurde niet binnen redelijke termijn na beeindiging van de overeenkomst zelf in gebruik neemt is de verhuurder jegens de huurder tot schadevergoeding verplicht.

Deze regels zij niet van toepassing indien de beëindiging geschiedt met wederzijds goedvinden nadat de huur is ingegaan.

Jurisprudentie

Kantonrechter Haarlem dd. 2 maart 2006.

Het betreft hier een huurovereenkomst aangegaan voor de duur van 6 maanden (van 1 april 2005 tot en met 30 september 2005). De huurder had de verhuurder verzocht om de huurwoning tijdelijk te mogen huren. De verhuurder is daarmee akkoord gegaan. In de huurovereenkomst werd dan ook een opzegging per 30 september 2005 vastgelegd.

De huurder voldeed echter niet aan deze bepaling. Hij zat in oktober 2005 nog steeds in het gehuurde. Ook was op dat moment een huurachterstand van 5 maanden. De verhuurder vorderde ontruiming van de woonruimte op grond van het feit dat de huur reeds bij het aangaan van de huurovereenkomst was opgezegd.

De rechter oordeelde echter dat een dergelijke opzegging niet rechtsgeldig is, indien de potentiële huurder bij het aangaan van de huurovereenkomst, afstand doet van zijn recht op huurbescherming. Dit is te billijken daar anders de huurbeschermingsregels geen betekenis meer zouden hebben.

Een beëindiging met wederzijds goedvinden is wel mogelijk, indien een beëindigingovereenkomst wordt vastgelegd nadat de huur is aangegaan.

De verhuurder kreeg echter toch ontbinding van de huurovereenkomst toegewezen op grond van het feit dat de huurpenningen niet werden voldaan.
© 2007 - 2009 Keijsersvdgooth, gepubliceerd in Kopen en Huren (Huis en Tuin) op 11-02-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Keijsersvdgooth is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Opzeggen huurcontract bepaalde tijd"


Door Brlimb op 01-09-2008

Kan een huurcontract door de huurder opgezegd worden per email??